Beleidsplan NVMO voor de periode 2013-2018

 

Het doel van de NVMO

De Nederlandse Vereniging voor Medisch Onderwijs (NVMO) is in 1972 opgericht en is dé vereniging voor iedereen, in Nederland en Vlaanderen, die betrokken is bij de ontwik­keling en/of onderzoek van onderwijs en opleidingen in de gezondheidszorg in de meest ruime zin. Anno 2012 heeft de NMVO ruim 1200 leden en biedt zij een ruim scala aan goedbezochte activiteiten en veelgevraagde producten. Het tijdschrift Perspectives on Medical Education, het jaarlijks terugkerende NVMO Congres en de activiteiten van de Werkgroepen vormen belangrijke pijlers van de vereniging.

De Nederlandse Vereniging voor Medisch Onderwijs maakt vanaf 1998 periodiek een nieuw beleidsplan. In 2002 is besloten beleidsplannen te maken voor een periode van 5 jaar. Het laatste plan, vastgesteld in de algemene ledenvergadering van 2006, betreft de periode van 2007-2012. Het huidige 4e beleidsplan is gericht op de komende 5-jaarse periode, 2013-2018.

 

Samenvatting eerdere NVMO beleidsplannen

Het eerste beleidsplan van de vereniging startte met het volgende mission statement

“De Nederlandse Vereniging van Medisch Onderwijs beoogt een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de opleidingen in de gezondheidszorg door het bevorderen van onder­zoek en ontwikkeling van onderwijs. De NVMO wil zich voorts, als een ongebonden organisatie uit het onderwijsveld, kritisch opbouwend opstellen ten aanzien van de politiek-maatschappelijke ontwikkelingen die het onderwijs in de gezondheidszorg beïnvloeden”.

Op basis van het mission statement werd als voornemen voor deze planperiode geformuleerd:

-          het bieden van een platform voor alle betrokkenen bij het medisch onderwijs

-          het zetten van een aantal stappen in de professionalisering van docenten

-          zich in te zetten voor de belangenbehartiging van haar leden

-          een positie te verwerven als gezaghebbend adviesorgaan.

De platformfunctie wordt benadrukt door de organisatie van het NVMO Congres en andere bijeenkomsten, het verenigingstijdschrift, de website en nieuwsbrief, en het bevorderen van samenwerkingsverbanden. Via cursussen en opleidingstrajecten op maat is de professionalisering van docenten ter hand genomen. De belangen behartiging van de leden  kwam tot stand door een duidelijke visie op docenten carrièrebeleid te formuleren en aandacht te vragen voor de waarderings- en beloningsstructuur. Door contacten met de overheid en relevante nationale en internationale organisaties wordt de adviesfunctie vervuld.

In het beleidsplan 2007-2012 werden de volgende onderwerpen benadrukt:

-          het stimuleren van onderzoek als kernactiviteit van de vereniging

-          het geven van een duidelijker status van de werkgroepen van de vereniging

-          een sterkere internationale oriëntatie

-          bevorderen van bijzondere activiteiten door het instellen van prijzen en erkenningen.

Het onderzoek werd verder gestimuleerd door een jaarlijkse promovendidag te organiseren voor alle promovendi en hun begeleiders met actieve bijdragen van alle promovendi. Ook zijn er tijdens deze bijeenkomsten gerichte presentaties door experts over methodologische aspecten. Daarnaast werd de werkgroep Onderzoek van Onderwijs opgericht, die drie à vier keer per jaar expert bijeenkomsten organiseert. Leden van de NVMO kregen elektronisch toegang tot de artikelen van het Tijdschrift voor Medisch Onderwijs (TMO). Echter, het kostte de redactie van TMO steeds meer moeite om het Tijdschrift te vullen met kwalitatief goed onderzoek doordat de promovendi zich vooral richtten op Engelstalige tijdschriften. Gedurende de beleidsperiode is daarom besloten het Tijdschrift Engelstalig te maken. Vanaf 1 januari 2012 verschijnt het Tijdschrift onder de naam: Perspectives on Medical Education (PME). In 2010 is de NVMO Ethical Review Board ingesteld.

De werkgroepen organiseerden minstens 1 bijeenkomst per jaar voor leden van de vereniging als geheel. Om de kosten van bijeenkomsten te dekken kregen ze de beschikking over een klein budget Tevens zijn de werkgroepen jaarverslagen gaan maken. Een maal per jaar komen bestuur van de Vereniging en vertegenwoordigers van de werkgroepen bijeen om het gezamenlijke beleid te bespreken.

De internationale oriëntatie heeft verder vorm gekregen door de artikelen serie van de werkgroepen in het Tijdschrift van de Association for Medical Association (AMEE), Medical Teacher. NVMO-leden kunnen door het instituutslidmaatschap van de NVMO, met korting deelnemen aan het AMEE Congres.

De NVMO heeft 2 tweejaarlijkse prijzen ingesteld: in even jaren de prijs voor het beste proefschrift, in oneven jaren de prijs voor de beste onderwijsinnovatie. Vanaf 2010 worden de prijzen op het NVMO jaarcongres uitgereikt. In 2010 won Pim Teunissen (Maastricht) de prijs voor het beste proefschrift, in 2011 wonnen Hanke Dekker en Tys van der Molen (Groningen) de prijs voor de beste onderwijsinnovatie.

Breedte en naamgeving van de Vereniging

De afgelopen 40 jaar is de naam van de vereniging niet veranderd, hoewel daar binnen en buiten de vereniging wel over gediscussieerd is. Het bestuur van de vereniging stelt ook thans voor de naam niet te wijzigen, maar waar dat mogelijk is de breedte van alle elementen van de naam te benadrukken. Het gaat daarbij om het volgende:

Nederlandse. Met ‘Nederlandse” wordt gedoeld op het Nederlandstalige werkterrein in de breedte. Het is vanzelfsprekend geworden dat Vlaanderen volwaardig onderdeel hiervan is. In de internationale context wordt het woord Netherlands gebruikt en niet Dutch. De Vereniging stelt zich op als een open vereniging waarvan het lidmaatschap open staat voor iedereen die zich vanuit werk of belangstelling aangetrokken voelt tot de doelen van de vereniging, ongeacht woonplaats of herkomst.

Medische. Met ‘Medisch’ wordt het volledige gebied van de gezondheidszorg bedoeld. ‘Medisch’ is dus niet beperkt tot medici, maar betreft voor de Vereniging al het hoger onderwijs in de gezondheidszorg in het algemeen.

Onderwijs. Bij de toenemende aandacht voor de medische vervolgopleidingen is wel geopperd om “onderwijs” te vervangen door “onderwijs en opleiding”. Deze uitbreiding acht het bestuur niet aangewezen, omdat de term ‘onderwijs’ als brede term moet worden opgevat. Onderwijs betreft de fase vanaf het begin van de studie tot en met de nascholing.

 

Het beleid voor 2013 – 2018

De Vereniging biedt van oudsher een open en constructief, klimaat gericht op samen­werking om het hogere doel van goed medisch onderwijs te bereiken. Deze lijn wordt voortgezet in de komende planperiode door de gebruikelijke actieve benadering en ondersteuning van de doelgroep, het congres, het (Engelstalige) tijdschrift, de website, de werkgroepen en commissies. Het is de ambitie van het bestuur de onderwijs- en onderzoekexpertise van haar leden verder uit te bouwen en breder te verspreiden binnen het medisch onderwijs. Dit betekent dat het beleid de komende jaren gericht zal worden op de volgende speerpunten:

-          verhoging aantal (docent-)leden

-          verdere stimulering onderzoek van onderwijs en de rol van het Wetenschappelijk Comité

-          inzet van expertise van de NVMO werkgroepen

-          accreditatie van scholingsactiviteiten van NVMO werkgroepen en andere activiteiten van de NVMO

-          internationale oriëntatie

Leden

De belangstelling in Nederland en Vlaanderen voor medisch onderwijs, inclusief de medische vervolgopleidingen, groeit nog steeds aanzienlijk. De leden zijn afkomstig uit een breed scala van opleidingen in de gezondheidszorg. Van oudsher zijn veel leden betrokken bij de initiële opleidingen geneeskunde. Veel nieuwe leden zijn betrokken bij opleidingen waar recent grote veranderingen hebben plaatsgevonden: de medische specialisten opleidingen en de nieuwe professionele Master opleidingen Physician Assistant en Advanced Nurse Practitioner.

De vernieuwingen in het medisch onderwijs hebben geleid tot een toename van het aantal promovendi. Het NVMO Promovendinetwerk telde in 2012 ruim 80 Nederlandse en Vlaamse leden. De aanzienlijke toename van de hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek met internationale publicaties is mede dankzij de productie van deze promovendi. Tot 2010 hebben gemiddeld 5 promovendi per jaar een proefschrift over (vernieuwingen in) medisch onderwijs afgerond. Maar na 2010 is dit aantal gestegen tot meer dan 10 per jaar. Internationaal gezien behoort Nederland wat betreft de productie van wetenschappelijke artikelen over medisch onderwijs tot de top.

In september 2012 kende de NVMO 1218 leden. In het beleidsplan 2007 – 2012 werd gestreefd naar een groei van het ledental van ruim 800 naar 1500 aan het eind van de beleidsperiode omdat het vanaf deze grens mogelijk is de belangrijkste activiteiten, het NVMO tijdschrift (PME) en het congres, zelf bedruipend te laten zijn. Het streven is niet geheel gerealiseerd, maar er heeft een aanzienlijke groei plaatsgevonden, een groei die nog niet gestopt lijkt.

Het Bestuur denkt dat nieuwe leden te vinden moeten zijn onder de opleiders die betrokken zijn bij medische vervolgopleidingen. Met elke wetenschappelijke vereniging zal apart worden overlegd over hoe de NVMO kan bijdragen aan de discussie over en de implementatie van de vernieuwing van de vervolgopleidingen. Daarnaast wil het bestuur nieuwe leden werven binnen het docenten corps van de initiële medische opleidingen en van andere opleidingen in het gezondheidszorgonderwijs.  Er zijn nu in verhouding weinig docenten en medisch specialisten lid van de Vereniging, terwijl de Vereniging voor hen veel te bieden heeft, met name op het gebied van onderwijskundige scholing, curriculum- en cursusontwikkeling en onderzoek van medisch onderwijs. Voor de beleidsperiode van 2013 – 2018 wordt gestreefd naar een toename van het ledental tot 2000. Dit is opnieuw ambitieus, maar niet onmogelijk.

Typen lidmaatschappen

Thans kent de NVMO gewone leden, ereleden, studentleden en seniorleden. Ereleden worden voor het leven benoemd en zijn vrijgesteld van contributie. Han Moll laureaten wordt automatisch het erelidmaatschap toegekend, alsmede oud-bestuursvoorzitters. Het seniorlidmaatschap is in de vorige beleidsperiode ingevoerd en de contributie is gelijk aan die van studentleden.
Er is tevens een combi-lidmaatschap ingesteld voor het lidmaatschap van de Dutch Society for Simulation in Healthcare, waardoor er korting is op de contributie voor zowel DSSH als NVMO.

Samenstelling bestuur NVMO

Het bestuur van de Vereniging wordt gekozen door de leden, op voordracht van het zittende bestuur of van tenminste tien leden. Bij de samenstelling wordt gelet op de diversiteit in deskundigheid op grond van de achtergrond van de leden en werkplaats. Het is gewenst dat het bestuur gesprekspartner kan zijn van onder meer de initiële opleidingen geneeskunde, diergeneeskunde en tandheelkunde, de specialistische vervolgopleidingen, de universitaire biomedische opleidingen, gezondheidszorgopleidingen (bachelor en master) in het HBO, de medische beroepsgroep, promovendi op het terrein van medisch onderwijs en studenten. Behalve de studentleden zijn andere leden niet gespecificeerd.

Naast leden kent het bestuur drie vaste adviseurs: de hoofdredacteur van Perspectives on Medical Education, de voorzitter van het Wetenschappelijk Comité en de hoofdorganisator van het congres. Deze leggen verantwoording af aan het bestuur en stemmen hun beleid af met het bestuur. De adviseurs kunnen geen qq-lid zijn van het bestuur, mede gezien de verschillende zittingstermijnen van bestuursleden en van de betreffende functies.

Website, elektronische nieuwsbrief en andere communicatiemedia

De website van de vereniging wordt veelvuldig geraadpleegd. Het bestuur streeft ernaar de komende jaren het contact tussen leden en bestuur via de website en de elektronische nieuwsbrief, die in 2012 is gestart, te vergroten. Overwogen wordt in deze nieuwsbrief een nieuw laagdrempelig elektronisch medium te vinden dat ook ruimte biedt voor Nederlandstalige publicaties over gezondheidszorg onderwijs.

 

Onderzoek van Onderwijs

Het stimuleren van onderzoek van onderwijs is een kernactiviteit van de vereniging. Het nieuwe tijdschrift, Perspectives on Medical Education, biedt daarvoor een internationaal platform. Het Promovendi­-netwerk heeft zich de afgelopen beleidsperiode goed ontwikkeld en het aantal bij de Vereniging bekende promovendi bedroeg in 2012 ruim 80. Het bestuur is voornemens het Wetenschappelijk Comité een duidelijker rol te laten spelen bij de organisatie van de jaarlijkse promovendidag. Tijdens deze dag worden de promovendi in de gelegenheid gesteld hun eigen onderzoek te presenteren en te overleggen met promovendi die met vergelijkbare onderzoeksthema’s bezig zijn. Het uitwisselen van expertise is een belangrijk doel. Daarnaast krijgt het promovendi netwerk gelegenheid tijdens het jaarlijkse congres een ‘ronde tafel’ te organiseren.

Gedurende de vorige beleidsperiode is de werkgroep Onderzoek van Onderwijs opgericht. Het doel van deze werkgroep is om de onderzoekvaardigheden van de promovendi en andere onderzoekers, inclusief docenten die belangstelling hebben voor onderzoek, te versterken. Dit doel komt overeen met de doelen die het bestuur ziet voor het Wetenschappelijk Comité. Het bestuur vindt dat de activiteiten van deze werkgroep ondergebracht kunnen worden bij het Wetenschappelijk Comité. Dit Comité is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de wetenschappelijke papers voor het congres. Tevens adviseert zij de NVMO Congrescommissie bij de keuze voor uit te nodigen sprekers voor het congres. Gedurende de komende beleidsperiode zullen de contacten van het Wetenschappelijk Comité en het Promovendinetwerk versterkt worden.

De in 2010 ingestelde NVMO Ethical Review Board functioneert goed, lijkt in een behoefte te voorzien en er is internationaal belangstelling voor dit concept. Er is in 2012 door het UMC Utrecht een genereuze subsidie toegekend om deze activiteit in 2012 mogelijk te maken. De activiteit kan hierdoor uit de middelen van de NVMO in 2013 en 2014 worden voortgezet. In deze periode moet echter een structurele financiering voor de toekomst worden gevonden.

 

NVMO werkgroepen en expertiseontwikkeling

De NVMO kent commissies die verantwoordelijk zijn voor het congres, het tijdschrift en de wetenschappelijkheid van de aantal activiteiten. Daarnaast kent de Vereniging, anno 2012, vijftien werkgroepen, die gericht zijn op specifieke onderwerpen die in de loop der jaren door leden van de Vereniging als van voldoende belang zijn geïdentificeerd om onder de vlag en met subsidie van de NVMO activiteiten te verrichten. De afgelopen beleidsperiode hebben de werkgroepen een duidelijker status gekregen door enerzijds de toekenning van een jaarlijks budget en anderzijds het organiseren van activiteiten die voor de Vereniging een bijzondere betekenis hebben. De werkgroepen hebben de afgelopen jaren een structurele inbreng op het NVMO Congres, door het organiseren van workshops, ronde tafels en seminars. Ook is er een werkgroepenmarkt tijdens het congres. Alle werkgroepen maken een jaarverslag.

Nieuwe werkgroepen kunnen aan het bestuur voorgedragen worden. Het bestuur hecht eraan dat werkgroepen openstaan voor alle leden van de Vereniging.

Binnen de werkgroepen is in de afgelopen beleidsperiode veel expertise opgebouwd over diverse onderwerpen uit de (medische) onderwijskunde. Het bestuur is van plan om tijdens de komende beleidsperiode disseminatie van deze expertise onder de leden van de Vereniging te ondersteunen, bijvoorbeeld door de medisch-onderwijskundige kennis bij promovendi en docenten te vergroten door het volgen van een ‘leergang’. De werkgroepen kunnen een belangrijke rol vervullen bij een leergang, door het organiseren van een aantal samenhangende studiedagen. Het bestuur stelt zich voor dat deelnemers aan de leergang een keuze kunnen maken uit het aanbod van de werkgroepen. Rekening houdend met de duur van het opleidingstraject van aio’s, zouden werkgroepen eens per 3 jaar hun cursus kunnen aanbieden binnen de leergang.

NVMO Congres

Het NVMO Congres is een succesvolle activiteit en het bestuur is van oordeel dat de gekozen formule in grote lijnen gehandhaafd moet blijven. Onderzocht moet worden of de werkgroepen van de NVMO op de dag voorafgaand aan het congres in de vorm van pre-conference workshops (een deel van) de hierboven beschreven leergang kunnen aanbieden.

 

Accreditatie

De opleidingsactiviteiten van de Vereniging zullen aan een minimaal niveau moeten voldoen, zodat promovendi en docenten deze activiteiten mee kunnen laten tellen binnen hun persoonlijk scholingsprogramma. Dit betekent dat het bestuur streeft naar Verenigingsaccreditatie van opleidingsactiviteiten/cursussen. Met deze ontwikkeling verschuift het accent van de oorspronkelijke docentprofessionaliseringsactiviteiten van de Vereniging naar expertiseontwikkeling van alle leden die daar belang bij hebben.

 

Internationale oriëntatie

Nederland staat wereldwijd bekend door belangrijke bijdragen aan de ontwikkeling van het medisch onderwijs, zowel in de vorm van artikelen in de internationale literatuur, als in de vorm van bijdragen aan internationale congressen. In sommige opzichten vervult Nederland een voorbeeldfunctie. Tijdens de afgelopen beleidsperiode heeft de Vereniging zich sterker internationaal geprofileerd. Deze profilering komt tot uiting door de artikelenserie van de werkgroepen in Medical Teacher, de lidmaatschappen van (vooraanstaande) leden van de Vereniging in internationale (congres)commissies, het eenmalig gezamenlijk uitbrengen met de Duitse collegae van een Engelstalige editie van het Tijdschrift Medisch Onderwijs en door de strategische samenwerking met de Association for Medical Education in Europe (AMEE). Bij het NVMO-lidmaatschap hoort een abonnement op Perspectives on Medical Education.

Voor de komende beleidsperiode wil het bestuur van de Vereniging de internationale oriëntatie verder uitbreiden. Het bestuur wil dit doen door de verdere ontwikkeling van Perspectives on Medical Education te ondersteunen en bestaande internationale contacten te verstevigen. Nauwe en zich ontwikkelende banden met de ons omringende landen zullen worden verstevigd.

 

Perspectives on Medical Education

Het tijdschrift Perspectives on Medical Education is begin 2012 ontstaan als opvolger van het Tijdschrift voor Medisch Onderwijs. De komende jaren moet het tijdschrift zijn bestaansrecht bewijzen. Het bestuur streeft ernaar dat het tijdschrift een platform is waar niet alleen Nederlandse en Vlaamse promovendi en andere onderzoekers hun werk in kunnen publiceren, maar verwelkomt een brede groep van internationale auteurs. Het bestuur streeft ernaar dat het tijdschrift binnen een aantal jaren een impactfactor heeft waarmee het publiceren in het tijdschrift ook aantrekkelijk wordt voor ervaren onderzoekers en auteurs uit andere landen. De artikelen van PME zijn elektronisch toegankelijk voor iedereen.


 

Beleidsplan NVMO 2007-2012

 

De Nederlandse Vereniging voor Medisch Onderwijs heeft de goede gewoonte om regelmatig het meerjarig verenigingsbeleid in een plan neer te leggen en als uitgangspunt voor activiteiten te hanteren. Zo is er in maart 1998 een plan voor de periode 1998-2002 vastgesteld en zijn in de algemene ledenvergadering van 2002 een beleidsplan en een uitvoeringsplan voor de periode 2002-2006 vastgesteld. De laatste planperiode komt ten einde in 2006, dus het is logisch en gewenst om voor een volgende planperiode het beleid opnieuw tegen het licht te houden. In 2002 is een vijfjaars-periode gehanteerd en het lijkt een goed idee deze duur voor toekomstige beleidsplannen vast te houden

Het doel van de NVMO
Het algemene doel van de NVMO is statutair vastgelegd en betreft de bevordering van onderzoek en ontwikkeling van het medisch onderwijs in de ruimste zin. Dit doel wordt gerealiseerd door het organiseren van ontmoetingen, vergaderingen en andere bijeenkomsten, die betrekking hebben op het medisch onderwijs, het verzamelen, produceren en distribueren van gegevens, welke betrekking hebben op het medisch onderwijs en via andere middelen, die bevorderlijk zijn voor het doel van de vereniging.

Samenvatting NVMO beleidsplan 2002-2006
Het beleidsplan 2002-2006 startte met het volgende mission statement “De Nederlandse Vereniging voor Medisch Onderwijs beoogt een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de opleidingen in de gezondheidszorg door het bevorderen van onderzoek en ontwikkeling van onderwijs. De NVMO wil zich voorts, als een ongebonden organisatie uit het onderwijsveld, kritisch opbouwend opstellen ten aanzien van de politiek-maatschappelijke ontwikkelingen die het onderwijs in de gezondheidszorg beïnvloeden”. Daarnaast werden als voornemens voor deze planperiode (“mission statement”) geformuleerd:
- het bieden van een platform voor alle betrokkenen bij het medisch onderwijs
- het zetten van een aantal stappen in de professionalisering van docenten
- zich in te zetten voor de belangenbehartiging van haar leden
- een positie te verwerven als gezaghebbend adviesorgaan

Het beleidsplan 2002-06 benadrukt (a) de platformfunctie (via NVMO-congres en andere bijeenkomsten, het Tijdschrift, de website en de bevordering van samenwerkingsverbanden, (b) de functie ten behoeve professionalisering van docenten (via cursussen en opleidingstrajecten op maat), (c) de functie in de belangenbehartiging (via een visie op docentencarrière en aandacht vragen voor waardering en beloningsstructuur) en (d) de adviesfunctie (via contact met overheid en relevante nationale en internationale organisatie).


Het beleid voor 2007-2012
De belangstelling in Nederland voor medisch onderwijs, inclusief de medische vervolgoplei-dingen, groeit aanzienlijk. Dat blijkt uit de het toenemende aantal universitaire leerstoelen met een specifieke opdracht in het medisch onderwijs, de sterk toenemende hoeveelheid weten-schappelijk onderzoek met internationale publicaties, het aantal promovendi en proefschriften op dit terrein en de sterke ontwikkelingen in de medische vervolgopleidingen. In de laatste vijf jaar – de afgelopen planperiode - is een grote activiteit op dit terrein ontplooid. De Nederlandse Vereniging voor Medisch Onderwijs heeft hierin een goede, maar relatief nog bescheiden rol gespeeld. Ook de Vereniging ziet een gestage toename van leden, een steeds grotere belangstelling voor het jaarlijkse congres en toenemende belangstelling vanuit de medische vervolgopleidingen. Zij kan echter nog een duidelijkere plaats krijgen in deze ontwikkelingen. De NVMO wil de vereniging zijn waar iedereen die actief betrokken is bij de uitvoering, ontwikkeling en het onderzoek van medische onderwijs, de medische opleidingen, en anderen opleidingen in de gezondheidszorg in Nederland en Vlaanderen zich van nature toe aangetrokken voelt en waarin men zich thuisvoelt. Ze wil, meer nog dan in het verleden, actief faciliteiten bieden en een gemeenschap vormen voor uitwisseling van ideeën en initiatieven voor al deze betrokkenen. De Vereniging biedt van oudsher een open en constructief, niet-competitief klimaat gericht op samenwerking om het hogere doel van beter medisch onderwijs te bereiken. Deze lijn wordt voortgezet in de komende planperiode, maar met een actievere benadering en ondersteuning van de doelgroep, via het congres, het tijdschrift, de website, via de werkgroepen en commissies en op andere wijze en ook internationaal gebruikmakend van de uitstekende naam die Nederland en Vlaanderen hebben voor de ontwikkeling en onderzoek van medisch onderwijs.

Breedte en naamgeving van de vereniging
Binnen en buiten de NVMO zijn in de afgelopen jaren discussies gevoerd over de breedte van doelgroep van de vereniging en in verband hiermee met haar naam. Dit heeft niet geleid tot aanpassingen van de naam in de afgelopen 35 jaar. Het Bestuur van de vereniging stelt ook thans voor de naam niet te wijzigen, maar waar dat mogelijk is te breedte van de alle elementen van de naam te benadrukken. In het bijzonder gaat dat om de volgende elementen

Nederlandse. Met “Nederlandse” wordt gedoeld op het Nederlandstalige werkterrein in de breedte. Het is vanzelfsprekend geworden dat Vlaanderen volwaardig onderdeel hiervan is. Voorts wil de NVMO zich opstellen als een open vereniging. Dat wil zeggen dat het lidmaatschap open staat voor iedereen die zich vanuit werk of belangstelling aangetrokken voelt tot de doelen van de vereniging, ongeacht woonplaats of herkomst.

Medisch. Met “Medisch”wordt het volledige gebied van de gezondheidszorg bedoeld. “Medisch” als term is dus niet beperkt tot medici, maar betreft voor de NVMO onderwijs en personen betreffende de gezondheidszorg in het algemeen.

Onderwijs. Bij de toenemende aandacht voor de medische vervolgopleidingen is wel geopperd om “Onderwijs” te vervangen door “Onderwijs en opleiding”. Deze uitbreiding acht het bestuur niet aangewezen, omdat ook hier de term “onderwijs” als brede term moet worden opgevat. Onderwijs betreft de fase vanaf het begin van de studie tot aan het eind van de nascholing.

Samenstelling bestuur NVMO
De zeven leden van Bestuur van de vereniging worden gekozen door de leden, op voordracht van het zittende bestuur of van tenminste tien leden. Bij de samenstelling wordt gelet op diversiteit in deskundigheid op grond van de achtergrond van de leden. Het is gewenst dat het bestuur gesprekspartner kan zijn van onder meer de basisopleiding (prekliniek en kliniek), de vervolgopleidingen, de HBO gezondheidszorg wereld, de medische beroepsgroep en studenten. Behalve de studentleden zijn andere leden niet gespecificeerd. Een brede samenstelling van het bestuur is echter gewenst, zonder dat echter sprake is van vertegenwoordiging vanuit specifieke groepen met last en ruggespraak. Naast leden kent het bestuur twee vaste adviseurs: de hoofdredacteur van het Tijdschrift en de hoofdorganisator van het Congres. Deze leggen verantwoording af aan het bestuur en stemmen hun beleid af met het bestuur. De adviseurs kunnen geen qq-lid zijn van het bestuur, mede gezien de verschilllende zittingstermijnen van bestuursleden en van de betreffende functies.

Ledental
Het is verheugend dat sinds 1972 de vereniging een continue jaarlijkse groei in het ledental kent. In september 2006 kende de NVMO ruim 813 leden. Niettemin kan geconstateerd worden dat, gezien het grote aantal onderwijsinstellingen in Nederland en Vlaanderen en het grote aantal opleiders en supervisoren in de medische vervolgopleidingen, het ledenaantal veel groter kan zijn. In 2002 werd dit ook geconstateerd. In het Uitvoeringsplan voor het beleid 2002-2006 werd een streefcijfer van 2500 leden in 2007 opgenomen. Het is uitgesloten dat dit cijfer gehaald zal worden, maar een verdere groei moet zeker mogelijk zijn. Kennelijk slaagt de vereniging er nog onvoldoende in om, hetzij onder de aandacht van de doelgroep te komen, dan wel een aantrekkelijk gremium te vormen. Voor de periode 2007-2012 wordt gestreefd naar een substantiële groei. Voor een gezonde bedrijfsvoering acht het bestuur een ledental van tenminste 1000 tot 1200 gewenst. Vanaf deze grens is het mogelijk de beide belangrijkste activiteiten zelfbedruipend te laten zijn: het Congres en het Tijdschrift. Thans wordt het Tijdschrift gedeeltelijk gefinancierd uit opbrengsten van het Congres. Het bestuur streeft dus naar een groter ledental in de planperiode. In het bijzonder zal gestreefd worden naar een toename van leden onder klinische docenten, zowel diegenen die betrokken zijn bij de vervolgopleidingen, als docenten in het universitaire onderwijs. Een verdubbeling in vijf jaar is niet uitgesloten en 1500 leden in 2012 lijkt een ambitieuze maar haalbare doelstelling. Dat betekent wel dat het lidmaatschap voldoende aantrekkelijk moet worden voor diegenen die thans nog geen lid zijn. Het bestuur zal zich beraden op verdere maatregelen om dit te bevorderen.

Typen lidmaatschappen
Thans kent de NVMO gewone leden, ereleden, studentleden en donateurs. Het bestuur stelt voor om ereleden voor het leven te benoemen en te ontheffen van contributie en Han Moll laureaten automatisch het erelidmaatschap toe te kennen, alsmede oud-bestuursvoorzitters. Voorts stelt het bestuur voor een seniorlidmaatschap in te voeren, waarbij de contributie gelijk is aan die van studentleden (thans: euro 23,-).

Onderzoek van onderwijs
Het stimuleren van onderzoek van onderwijs is een kernactiviteit van de vereniging. Zowel het Tijdschrift als het Congres biedt daarvoor een platform. Daarnaast kan er echter meer gedaan
worden. Op 6 oktober 2006 heeft de NVMO voor het eerst een bijeenkomt georganiseerd voor promovendi en hun begeleiders met actieve bijdragen van alle promovendi. Het bestuur is voornemens om jaarlijks een dergelijke dag te organiseren, bij voorkeur in juni, en hiermee het onderzoek van onderwijs een verdere stimulans te geven. De dag wordt gevormd door enerzijds bijdragen van alle deelnemende promovendi en anderzijds enkele gerichte presentaties door experts over methodologische aspecten. Op deze wijze kan de promovendidag uitgroeien tot een vast onderdeel voor opleidings- en begeleidingsplannen zoals deze gebruikelijk en toenemend verplicht zijn voor AIO’s en andere promovendi.

NVMO-Congres
Het NVMO-Congres is een succesvolle activiteit en het bestuur is van oordeel dat de gekozen formule gehandhaafd moet blijven. Wel zal onderzocht worden of het congres kan worden uitgebreid met een ‘opleidingsdag’, gericht op de vervolgopleidingen.

Tijdschrift voor Medisch Onderwijs
Het Tijdschrift heeft een gevestigde kwaliteit. De stroom van artikelen kan echter groter zijn, waardoor ook de redactionele speelruimte bij de selectie van artikelen zou kunnen toenemen. De oorzaak daarvan is niet dat er onvoldoende aan artikelen van goede kwaliteit in Nederland worden geschreven, maar dat vooral het percentage publicaties in Engelstalige tijdschriften sterk is toegenomen. Het bestuur zal zich met de redactie beraden op de wijze waarop het TMO van deze toenemende activiteit kan mee profiteren. Wellicht kan gedacht worden aan vertalingen en simultaanpublicaties van internationale artikelen van Nederlandse auteurs. Ook streeft het bestuur ernaar om de artikelen van het Tijdschrift voor leden elektronisch toegankelijk te maken voor leden via de website.

Website
In 2010 wordt een nieuwe, meer professionele NVMO website gelanceerd, ondersteund door een webmaster. De website zal een grotere betekenis gaan voor het contact tussen de leden van de vereniging onderling en tussen het bestuur en de leden.

NVMO-werkgroepen en commissies
De NVMO kent commissies die verantwoordelijk zijn voor het Congres en het Tijdschrift en vier werkgroepen die op gericht zijn op diverse onderwerpen die in de loop der jaren door leden van de vereniging als van voldoende belang zijn geïdentificeerd om onder de vlag van de NVMO activiteiten te verrichten. Het bestuur is voornemens de werkgroepen nog duidelijker status te geven, door enerzijds de werkgroep een jaarlijks budget op basis van een activiteitenplan toe te kennen en anderzijds ook activiteiten te verlangen die voor de vereniging als geheel een bijzondere betekenis hebben. Dat wil zeggen dat de leden van de werkgroepen niet slechts regelmatig bijeenkomen en elkaar informeren, maar dat er ook minimaal eenmaal per jaar een activiteit is, in welke vorm ook, die een duidelijke uitstraling heeft naar de vereniging als geheel. Het bestuur zal in het jaarverslag van iedere werkgroep een bijdrage vragen waarin de werkgroepactiviteiten worden verantwoord en zal ook jaarlijks beslissen over de continuering over de subsidie, c.q. over het bestaansrecht van de groep als NVMO-werkgroep. Daarnaast worden leden van de vereniging opgeroepen om, op terrein waarop dat zinnig lijkt, nieuwe werkgroepen aan het bestuur voor te dragen.

Internationale oriëntatie
Nederland staat wereldwijd bekend door belangrijke bijdragen aan de ontwikkeling van het medisch onderwijs, zowel in de vorm van artikelen in de internationale literatuur als in de vorm van bijdragen aan internationale congressen. In sommige opzichten vervult Nederlands een voorbeeldfunctie. De oriëntatie van de NVMO is altijd sterk nationaal gericht geweest, hoewel recent het Congres enkele buitenlandse bijdragen kent en ook het Tijdschrift ook Engelstalige samenvattingen van de artikelen publiceert. Het bestuur stelt thans voor om de internationale oriëntatie in de komende jaren te versterken. Dat kan door bijvoorbeeld een strategische samenwerking te realiseren met de Association for Medical Education in Europe, op een wijze die ook de Canadese zustervereniging CAME met AMEE heeft. Dit betekent in concreto dat NVMO-leden een gecombineerd lidmaatschap NVMO-AMEE als mogelijkheid wordt geboden voor een iets lagere prijs dan de lidmaatschappen afzonderlijk. Behalve de voordelen van de beide lidmaatschappen (gereduceerd tarief voor bezoek aan NVMO- en AMEE-congres en voor de beide tijdschriften TMO en Medical Teacher), omvat deze samenwerking eens per jaar een presentatie van Nederlandse ontwikkeling in de vorm van een NVMO-editorial en enkele malen per jaar een NVMO-gast redactie voor een beperkt aantal artikelen. Het bestuur zal hierbij ook de redactie van TMO betrekken. De samenwerking komt voorts tot uitdrukking in de opname van het NVMO-logo in de binnenkaft van Medical Teacher.

Docentenprofessionalisering
De NVMO acht het niet haar verenigingstaak om zelf trainingen voor docenten te organiseren, zoals in het verleden wel is gebeurd. Wel zal het bestuur bevorderen dat de NVMO een rol speelt in de erkenning en kwalitificatie van docenten, zeker waar het landelijke aspecten betreft.

Belangenbehartiging van leden
De vereniging behartigt waar mogelijk de belangen van haar leden. Als onderdeel hiervan streeft het bestuur ernaar om de stem van de NVMO hoorbaar te hebben in gremia die voor onderwijs en opleiding in de gezondheidszorg belangrijk zijn, waaronder de KNMG en haar colleges, de NFU, de STZ en de NVZ.

Prijzen en erkenningen
Het bestuur is voornemens in de komende jaren haar waardering voor bijzondere activiteiten van leden op het gebied van onderwijs in de gezondheidszorg sterker tot uitdrukking te brengen in de vorm van prijzen en erkenningen voor gerichte activiteiten. Dit beleid zal in de 2007 gestalte krijgen.